...............
....................................
Typologie
................................................

De installaties van Mathilde van Beekhuizen gaan over schaalverschillen en paradoxen tussen het meubel, de kamer, het huis, het uitzicht en het landschap.
De menselijke maat en het vergezicht. Dwalen en wonen; reizen en thuis zijn.
Verwondering is een belangrijke drijfveer bij haar werk dat zich in eerste instantie als een onderzoek ontwikkelt.

Van Beekhuizen begeeft zich in situaties die ze vervolgens manipuleert. Of dat nu de eigen achterkamer is of een verre bestemming. Zo maakte ze enkele maanden deel uit van de bemanning van een schip op weg naar Spitsbergen. De installatie die ze daarover maakte, toont een vloer als een poollandschap en verwijzingen naar mogelijke ijsberen die als stipjes kunnen opduiken aan de horizon. Dit interieur kun je bezien met behulp van een verrekijker.
Zoals een landschap een interieur kan worden, kan een interieur zich ook als landschap voordoen: Tijdens een artist in residency in Zwitserland maakte Van Beekhuizen een installatie in twee identieke naast elkaar gelegen kamertjes in een voormalig sanatorium. De ene kamer voorzag ze van een egale houten vloer terwijl er in de andere kamer sprake was van een reliëfvloer wegens overmatige vloerdelen, die een miniatuur berglandschap creëerden en het vloeroppervlak van deze ‘alpenkamer’ aanmerkelijk uitbreidde: ‘Wieviel grösser ist mein Zimmer?’
Een landschap kan zich ook uitbreiden, zoals bij ‘Pongscape’, waar een pingpongbatje voor een uitzicht wordt geschoven. Op het verweerde oppervlak van het batje zijn twee miniatuurboompjes geplaatst. Als je je ogen over de afbeelding beweegt, trekt er een aannemelijk landschap voorbij.

De bestaande ruimte wordt onder de loep genomen, omgedraaid en binnenstebuiten gekeerd. Van Beekhuizen is erop uit verschillende grootheden als meubels, huizen en landschappen met elkaar te verzoenen of te vermengen. Die bemiddeling resulteert in installaties die, al dan niet tijdelijk, een nieuwe verbindende tussenruimte creëren. Een en ander komt tegemoet aan de mogelijkheidszin, die met een been in de werkelijkheid staat en met de ander in de verbeelding. Zo lijkt het vertrouwde nieuw, verruimt het zich en wordt het uitgebreid met mogelijkheden.
Ook een idee of een zin uit een boek kan een nieuwe ruimte openen. Van Beekhuizen bezit een zich steeds uitbreidende serie ‘Kopieboeken’ die ze zorgvuldig samenvoegt tot een nieuwe bibliotheek. Vaak zijn ze gemaakt met behulp van boeken die ze geleend heeft, van de bibliotheek of van een vriend. Altijd zijn het boeken waar ze een speciale band mee heeft. Bij het maken van een kopieboek krijgt elke bladzijde aandacht en tijd, die niet veel onderdoet voor de tijd die je nodig hebt om het boek daadwerkelijk te lezen. Het boek en de inhoud ervan worden op een nieuwe manier toegeëigend.

Die nieuwe manier om te kijken naar iets vertrouwds doet zich ook voor bij ‘Streetview’, een installatie die bestaat uit een zestal tafels die een driedimensionale plattegrond van het Zeeheldenkwartier in Amsterdam presenteren. De straten, genoemd naar de helden van weleer, zijn verdiept tot ‘vaargeulen’.
Op elke hoek ontmoeten twee zeelieden en ontdekkingsreizigers elkaar; zoals Tasman en Bontekoe, die op de volgende hoek Van Heemskerck tegemoet treedt. Wellicht voor het eerst. Net als de buurtbewoners die om de tafel heen plaatsnemen waarbij hun woonomgeving opeens tastbaar en bespreekbaar wordt.

Van Beekhuizen maakt stoelen met vensters die ‘uitzicht’ bieden en een tafel waarvan het bovenblad licht gebogen is, zodat het meubel zich voordoet als een gebouw (‘Chalet’). Met elementen afkomstig uit verschillende categorieën creëert ze nieuwe typologieën waar je volledig in mee kunt gaan.

 

 

 

– Intro – Tekst 1

– Text english
...............
...............
Tekst Renée Borgonjen